Een geslaagde proef in Zuid-Limburg met lotgenotencontact moet in heel
Nederland navolging krijgen. Mensen voelen zich er goed bij en het biedt kans
kosten te besparen.
Lees ook: Nieuwe site contact lotgenoten werkt goed in proeftuinen Zuid-Limburg
In België wordt drie keer zo vaak een beroep gedaan op ervaringsdeskundigen als in Nederland. En in Duitsland tot wel vijftien keer zo vaak, waardoor alleen al de Krankenkasse (zorgverzekeraar) jaarlijks een half miljard euro bespaart, legt Wim Venhuis van Burgerkracht Limburg uit.
170 Lotgenotengroepen
Zijn organisatie werkt aan ‘een samenleving waarin iedereen meedoet’. De kennis en ervaring van burgers die iets meegemaakt hebben, wordt nu veel te weinig benut. Venhuis: „Dat kan beter. Het bespaart de maatschappij niet alleen veel geld, het zorgt er ook voor dat mensen zich beter voelen.”
Burgerkracht Limburg heeft met succes in Sittard-Geleen en Heerlen het voor
Nederland bijzondere project Zelfregietool.nl opgezet. Eén digitaal platform
waarbinnen mensen snel, dichtbij en gemakkelijk kennis en ervaringen van lotgenoten kunnen vinden. Dat hoeft zich niet te beperken tot ziekten, maar kan bijvoorbeeld ook gaan over schulden en echtscheiding. Bij dit project hebben 170 lotgenotengroepen zich aangesloten.
_____________________________________________________
Dit moet na mantelzorg en vrijwilligerswerk de derde pijler worden van de
informele zorg.
WIM VENHUIS, BURGERKRACHT LIMBURG
_____________________________________________________
Gerd Leers
Vanwege de positieve ervaringen wil Burgerkracht, met Gerd Leers als ambassadeur, het project verder gaan uitrollen. Eerst in Limburg en vanaf 2021 in het hele land. „Lotgenotencontact moet na vrijwilligerswerk en mantelzorg de derde pijler worden van de informele zorg”, zegt Venhuis.
Netwerk corona
Via Zelfregietool.nl wordt ook een netwerk opgebouwd van coronaervaringsdeskundigen voor zorgprofessionals en (ex-)patiënten.
Zorgverzekeraars, gemeenten, de provincie en huisartsenkoepels in Zuid-Limburg steunen het project. „We zijn in gesprek met Heerlen en Sittard-Geleen om te kijken hoe we de zichtbaarheid en vindbaarheid kunnen vergroten”, zegt CZ-woordvoerder Wiro Gruisen.
Bron: Dagblad De Limburger, Hennie Jeuken 23 juli 2020
Een politiek testament mag het van oud-minister en -burgemeester Gerd Leers (68) niet genoemd worden, al was het maar omdat hij nog niet van plan is achter de geraniums te gaan zitten. Toch bevat het essay dat hij geschreven heeft de kern van zijn politieke boodschap: eerherstel voor compassie en vergeven.
Op 5 december van het afgelopen jaar stond op de voorpagina van De Limburger een raak sinterklaasgedicht van de redactie over de heersende onvrede bij veel mensen. Ik citeer een fragment:
Ze willen zo graag gehoord worden, maar ze luisteren nooit Hun waarheid is de mening die zich naar hun eigen wereldbeeld plooit Wie er anders over denkt, is een vijand die dient te worden bestreden Liefst met grote woorden, nuance is zelfs niet meer besteed aan het verleden
Het gedicht trof me, omdat de strekking ervan precies aansloot bij de Gerarduslezing die ik afgelopen oktober mocht verzorgen.
De Gerarduslezing verwijst naar Gerardus van Majella, een lekenbroeder uit de achttiende eeuw die later heilig werd verklaard en die door velen nog steeds vereerd wordt in Wittem. Zijn belangrijkste deugd was het geduld waarmee hij beledigingen en pijnigingen onderging. Hij had compassie en hij vergaf.
Compassie en vergeven
Compassie en vergeven zijn twee eigenschappen die in onze maatschappij – en zeker in de politiek – ver op de achtergrond lijken te zijn geraakt. Ik wil op deze plek een pleidooi houden voor eerherstel van deze deugden in onze tijd.
Compassie betekent: je verplaatsen in een ander. Iemand iets gunnen. Het lijkt wel alsof we in onze tijd het vermogen om compassie te hebben met de ander hebben uitgebannen als een zwakte. Dat onvermogen komt terug in onze omgangsvormen. Preciezer: in onze omgang met meningsverschillen, in onze manier van debatteren over uiteenlopende maatschappelijke onderwerpen – van Zwarte Piet tot de klimaatverandering.
Extreme standpunten
Opvallend is de ‘polarisatie’ daarin. In de debatten overheersen vaak de meest extreme standpunten. Het midden, waar vroeger altijd de consensus werd gezocht, raakt in dat geweld steeds vaker overwoekerd. Daarmee dreigen de rede en de redelijkheid te verdwijnen. Dat we een land zijn waar volop gedebatteerd wordt, is natuurlijk geweldig. Uiteenlopende, conflicterende standpunten zijn immers de essentie en zuurstof van een open samenleving. Maar wat je ziet, is dat te vaak standpunten gesmoord worden. Men radicaliseert als het ware elkaar – tot het punt dat mensen gaan geloven dat de ander de eigen manier van leven bedreigt. Dat geeft het onderlinge debat een existentiële lading. En juist dát is zo gevaarlijk.
Zuilen en bubbels
Zeker, ook vroeger was er sprake van polarisatie. Twintig, vijftig, zeventig jaar geleden ging het ook hard tegen hard en wensten mensen elkaar hel en verdoemenis toe, vanuit politieke, religieuze of anderszins getinte overtuigingen. Maar toch is er een wezenlijk verschil tussen vroeger en nu.Vroeger had je de verzuiling. Zoals de kerk of een politieke partij. En vroeger waren het die zuilen die botsten. De ene zuil tegen de andere. De tegenstellingen tussen die zuilen waren scherp en vaak bitter. Maar binnen die zuilen was er juist sprake van gedeelde waarden, was er overeenstemming over wat hoorde en wat niet hoorde.
Tegenwoordig zijn er geen zuilen meer, maar ‘bubbels’. Zuilen, dat waren gezamenlijk gedeelde en beleefde constructies. Een ‘bubbel’ is echter een eigen constructie, een zelfgecreëerde, compleet geïndividualiseerde wereld. Het gevolg is een samenleving waarin het debat niet wordt gevoerd door pakweg zeventien zuilen, maar door zeventien miljoen bubbels. Een samenleving waarin we steeds minder met elkaar delen en het over steeds minder zaken vanzelfsprekend eens zijn. We staan vaak vierkant tegenover elkaar.
Vrijheid
Natuurlijk (en gelukkig) zijn er maar weinig mensen die terug willen naar de verzuiling van vroeger. Niemand vertelt je nog wat je moet denken of hoe je je moet gedragen. Wie je bent, wat je doet, wat je moet vinden, je moet het tegenwoordig vooral zélf uitzoeken. Die vrijheid anno nu is natuurlijk geweldig. Maar het schept wél nieuwe verplichtingen. Want wat de vrijheid is voor de een, kan onvrijheid zijn voor de ander. Zoals in onze debatcultuur. Een rijke debatcultuur is een cultuur waarin iedereen de ruimte krijgt om volwaardig deel te mogen nemen. Maar zo’n cultuur hebben we niet in Nederland. We hebben een cultuur die vooral onbehagen oproept. Dat onbehagen is zelfs doorgedrongen tot onze eigen Nederlandse politiek. Daar gaan steeds meer stemmen op die tegen de heersende trend naar polarisatie ingaan.
Scorebordpolitiek
In 2017 riep Klaas Dijkhoff bijvoorbeeld op tot een meer constructieve politiek. Hij zei in de Tweede Kamer: „Waarom werken we niet meer samen? Waarom doen we alsof het hier een debatclub is met aan het eind van de dag een prijs voor de scherpste opmerking? Nederland wordt daar niet beter van.” En Jesse Klaver zei tijdens de afgelopen Algemene Beschouwingen dat hij het voortaan ook anders wil doen. Hij wilde minder snelle debatjes over de actualiteit, minder ‘scorebordpolitiek’. Klaver zei letterlijk: „Dat is niet de manier waarop we Nederland verder krijgen.” Dijkhoff en Klaver verwoorden – zo denk ik – een diepgevoeld verlangen naar andere vormen van omgang. Diederik Samson verwoordde dat bij zijn afscheid als fractievoorzitter als „de schoonheid van naar elkaar luisteren. Het vermogen om een eindje met elkaar op te lopen, om een deel van elkaars gelijk te accepteren.”
Loslaten
Hoe krijgen we onze debatcultuur weer op het juiste spoor? Het antwoord op die vraag ligt, denk ik, op straat. Letterlijk. Op straat draait alles om het gunnen van ruimte aan de ander. Iedereen die de weg opgaat – als automobilist, fietser, voetganger – eist daar zijn of haar eigen ruimte op. Hoe voorkom je daarin ongelukken?
De wetgever heeft daarvoor een slimme oplossing bedacht. Je hebt recht op die ruimte. Maar die ruimte mag je niet nemen. Die ruimte moet je gegund worden. Je mag bijvoorbeeld voorrang niet zomaar nemen. Nee, die moet je verleend worden door de ander. De wetgever dwingt daarmee mensen om rekening met elkaar te houden. Je wordt als het ware verplicht om te ‘onderhandelen’ over de beschikbare ruimte. En als het goed is, loopt dat ‘onderhandelen’ af zonder botsingen.
Ruimte geven
Elkaar de ruimte geven. Dat is de essentie van deelname aan het verkeer, óók aan het sociaal verkeer. Ruimte mag je niet nemen, die moet je door een ander gegeven worden. Als iedereen zich aan die regels houdt, zoals ook in het wegverkeer, krijgen we een heel andere balans. Dan komen we heel dicht in de buurt van de compassie van Gerardus van Majella waar mijn lezing over ging. De compassie van een ander iets gunnen.
In het verlengde daarvan ligt de andere deugd van Gerardus. Vergeven. Vergeven betekent dat je niet te snel tot oordelen komt. Want oordelen leidt tot blindheid. Oordelen is niet langer openstaan, niet langer luisteren. Oordeel daarom niet, maar blijf luisteren, zegt Gerardus. Oordeel daarom niet, maar blijf die handreiking zoeken. Inderdaad: van vierkant naar vergeving.
Ik schreef hierboven: ik wil op deze plek een pleidooi houden voor eerherstel van de deugden van Gerardus van Majella in onze tijd. Hoe werken we aan dat eerherstel? Hoe geven we elkaar de ruimte zoals hiervoor bepleit? De belangrijkste les die ik heb geleerd, in mijn politiek-bestuurlijke loopbaan, is vertrouwen houden en niet meteen oordelen of zelfs veroordelen.
Optimistisch
Ik heb, zoals iedereen, zeker niet altijd mijn zin of gelijk gekregen. En waar ik eigenwijs bleef zelfs krassen opgelopen. Tikken op mijn vingers gekregen. Als zoiets je overkomt, kun je twee dingen doen. Je kunt in een heel negatieve en defensieve houding kruipen en verongelijkt de ander blijven verfoeien. Mijn ervaring is: de keuzes die je dan maakt, gaan uiteindelijk toch tegen je werken. Je kunt ook kiezen voor een optimistische, open en lerende houding. Je staat op en gaat weer door en houdt rekening met de mening van anderen, ook al pasten die in eerste instantie niet bij jouw opvattingen.
Mijn conclusie na vele jaren actief te zijn geweest in de politiek is dat er meer dan ooit behoefte is aan bestuurders en politici die het opnemen tegen de polarisatie, tegen vervlakking en daarmee verplatting. Maar ook politici die zich durven uit te spreken tegen een tijdgeest die benauwt en bedreigend is.
Ruimte geven, compassie hebben en vergeven.
Het zijn deugden die in het bestuur en de politiek aan een stevige herwaardering toe zijn en waarvoor we ons allemaal zouden moeten uitspreken. Niet alleen omdat ik ervan overtuigd ben dat het de geloofwaardigheid in de politiek kan terugbrengen, maar vooral omdat in ieder mens een fundamenteel verlangen schuilt naar deze waarden en mensen zich daaraan kunnen optrekken. Die overtuiging heb ik als mens. Als bestuurder en politicus. En als Maastrichtenaar, Brunssumer en Limburger, werkzaam in een gemeenschap die ontstaan is uit grote verscheidenheid en juist daarin haar kracht gevonden heeft.
“In ieder mens schuilt het verlangen om erbij te horen, om ruimte en vertrouwen te krijgen.” Gerd Leers.
We zochten een wijze “Bekende Nederlander” en bij voorkeur Limburger die midden in het maatschappelijke leven staat. Iemand met een positief, sociaal en menselijk imago die begrijpt wat zelfhulp voor de samenleving in Limburg kan betekenen. Een mens onder de mensen die zijn nek durft uit te steken voor het algemeen belang. Een vakman die de ingewikkelde wereld van de politiek begrijpt maar tegelijkertijd ook weet wat er op straat leeft. Hiermee kwam voormalig minister en recentelijk waarnemend burgemeester van Brunssum, Gerd Leers in ons vizier en hij zei ‘Ja!’
Gerd Leers onderschrijft volledig onze visie om georganiseerde zelfhulp bereikbaar, beschikbaar en toegankelijk te maken voor alle Limburgers die hier baat bij kunnen hebben. Wij zijn ongelooflijk trots en blij dat hij zijn naam aan ons wil verbinden.
Wanneer u zijn essay in De Limburger van 26 januari 2020 leest, begrijpt u wellicht nog beter waarom Gerd Leers een man is naar ons hart. De deugden van Gerardus van Majella omarmen we gezamenlijk in onze kernwaarden: compassie, geduld, vergeving en vrij zijn van oordelen
Wineke de Boer. Foto: de Volkskrant
Restschade bij Corona: lotgenoten delen ervaringen op Facebook
De schade die het coronavirus toebrengt aan het lichaam is zo groot, dat veel genezen covid-19 patiënten nog maandenlang klachten zullen houden, stellen internationale onderzoekers. Sportievelingen voelen de impact zelfs nog nadrukkelijker omdat zij van topfit naar doodmoe gaan. Niet-sporters zakken van fit naar de toestand van een dweil.
Hersteltijd
De gemiddelde hersteltijd bedraagt twee tot zes weken, schreef de Wereldgezondheidsorganisatie eind februari, maar inmiddels is duidelijk dat het virus patiënten maanden na de infectie nog in zijn greep kan houden, met restverschijnselen die het hele lichaam kunnen treffen.
Extreme vermoeidheid, hoofdpijn, ademnood, maagklachten, pijn op de borst, geheugenverlies, concentratieproblemen: de eerste medische analyses uit China en de rapportages van patiënten zelf duiden op een scala aan klachten nadat het virus is uitgewoed.
Slooptocht door het lichaam
Niet verwonderlijk, zeggen artsen, gezien de slooptocht door het lichaam, langs longen, bloedvaten en het immuunsysteem. En zo onvoorspelbaar als de ziekte verloopt, zo grillig is ook het natraject: wie milde klachten heeft gehad kan zomaar maanden last houden, wie ernstig ziek is geweest, kan probleemloos opknappen.
Steeds duidelijker wordt dat ook patiënten die niet in het ziekenhuis zijn opgenomen maandenlang kunnen kampen met hardnekkige en terugkerende klachten, terwijl ze voorheen fit en gezond waren. De Facebookgroep die Nederlandse en Belgische patiënten hebben opgezet telt inmiddels twaalfduizend leden.
Hoeveel patiënten last zullen houden van restverschijnselen is nog onduidelijk: artsen beginnen de gevolgen nu pas in kaart te brengen. Van ic-patiënten is bekend dat zij daar vaak langdurige gezondheidsklachten aan overhouden, door spierverlies en longschade.
Vrees voor blijvende schade
Het lijkt erop dat het coronavirus het immuunsysteem blijvend herprogrammeert, zegt hoogleraar immunologie Huub Savelkoul (Wageningen Universiteit): het stofje dat in het lichaam het eerste alarmsignaal afgeeft, wordt minder aangemaakt waardoor de afweerreactie trager op gang komt. Die programmeerfout duikt vermoedelijk weer op, zegt Savelkoul, als een ex-patiënt met een ander coronavirus te maken krijgt, wat het grotere risico op nieuwe infecties kan verklaren. Een derde van alle verkoudheden wordt door een coronavirus veroorzaakt.
‘Dit virus is zo nieuw dat niemand nog weet hoeveel patiënten er op termijn schade aan zullen overhouden’, zegt longarts Reijers. ‘Ik heb groot vertrouwen in de herstelkracht van het lichaam. Maar ik vrees dat het niet bij iedereen helemaal goed gaat komen.’
Haar bloedwaarden zijn goed, het zuurstofgehalte is ook oké, maar journalist Wineke de Boer (44) voelt zich beroerd. Medisch gezien is ze coronavrij, maar fysiek lijdt ze nog altijd.
‘Vandaag heb ik een goede dag. Vanmorgen heb ik boodschappen gedaan maar dan moet ik ervoor en erna wel rusten. Ik sportte altijd veel, deed aan fitness en yoga en ik wandelde elke avond. Nu is het park is al ver weg, en daar woon ik vlakbij.
‘Het begon eind maart met koorts en een raar gevoel in mijn keel, een gevoel dat ik de dagen erna naar mijn longen voelde zakken. Ik knapte op, twee weken ging het goed maar op eerste paasdag kreeg ik een enorme terugval, ik was beroerd en kreeg opnieuw koorts. Sindsdien probeer ik op te krabbelen. Maar zodra ik me ook maar een beetje inspan, fysiek of mentaal, heb ik volgende dag weer koorts, opgezette klieren en een heel zwaar gevoel in mijn lichaam. Ik had altijd overal zin in, nu ontbreekt me voor alles de puf. Ook op zonnige dagen heb ik het steenkoud.
Lotgenoten op Facebook
‘Ik vind steun bij duizenden lotgenoten in een Facebookgroep, het is indrukwekkend te zien hoezeer onze klachten overeenkomen. We tellen daar in weken, ik zit nu in week 11, er zijn mensen die in week 14 nog een terugslag krijgen. Heel soms herstelt er iemand. Zo min mogelijk doen, dat blijkt het beste, hooguit een keer per dag de trap op en af.
‘Volgens de huisarts heb ik inderdaad corona gehad maar ik ben nooit getest, dat kon toen nog niet. Bloeddruk en het zuurstofgehalte in mijn bloed zijn in orde, de vraag is waar mijn klachten dan vandaan komen. Mogelijk is mijn immuunsysteem van slag. Na 11 weken leef ik nog altijd als een soort dweil.
‘Ik heb lang gedacht dat mijn situatie niet zo erg is, ik heb immers nooit in het ziekenhuis gelegen. Maar mijn broer zei laatst: als je zo lang milde klachten hebt, ben je ook ernstig ziek. Vorige week werd ik er moedeloos van, blijft dit zo? Dat ik het vuilnis moet opsparen tot ik een goede dag heb om het naar de container te brengen? Hoop put ik uit kleine dingen die heel langzaam veranderen. Twee weken geleden moest ik na het afwassen nog uitrusten, gisteren merkte ik dat het niet nodig was.’
Mensen met dezelfde ervaringen, of hetzelfde lot, kunnen je steun bieden. Hoe zit dat precies? Stine Jensen onderzoekt het in Dus Ik Volg. Kijk op de website en facebookpagina.
Webinar voor patiënten en naasten
Woensdag, 8 juli 2020, 17:00 – 18:00 u.
Angst is een hele normale en functionele emotie, die je helpt te reageren op gevaar. De confrontatie met ziek zijn of dreigende ziekte, kan ook angst teweegbrengen. Als angst echter lang aanhoudt, kan het hinderlijk worden en kun je angstklachten of zelfs een angststoornis ontwikkelen met alle gevolgen van dien. Wat kun je doen om te voorkómen dat angst ‘ongezond’ wordt en wat kun je doen als je al klachten hebt?
SPREKERS
• Astrid Heessels; GZ-psycholoog i.o. klinisch psycholoog
• Ulrike Quast; ervaringsdeskundige
• Wim Venhuis; adviseur zelfhulp en zelfregie
Informatie over de webinar (digitale bijeenkomst) en hoe u zich kunt aanmelden, vindt u op www.zuyderland.nl/themabijeenkomsten
Lotgenotenontmoeting gedijt zoals iedere menselijk contact, veel beter wanneer we elkaar in de fysieke ruimte kunnen ervaren. Nu er contactbeperkende maatregelen gelden, zetten we op een rijtje welke oplossingen er gevonden zijn om elkaar middels zelfhulp te ondersteunen. Hopelijk zitten er inspirerende of nieuwe ideeën tussen voor jou.
Videobellen
Iedereen met een internetverbinding en een smartphone, tablet of laptop kan hier gebruik van maken. Op deze website vind je een goed overzicht van alle mogelijkheden. Zelfs met een koor repeteren kan via Zoom. Parkinson koor ‘Vibrato’ deed het; “Het is behelpen. Maar we zien en horen elkaar en hebben vooral veel plezier”. Een ander voorbeeld is de Angst- en Dwang groep in Sittard. In april hadden zij twee keer via Zoom contact. In mei zijn ze gestart met groepsbijeenkomsten in Land van Gulick. Dit organiseren ze in een ruimte waar de anderhalve meter afstand gerespecteerd kan worden.
Telefonische groepsgesprekken
Een lid van de AA (Anonieme Alcoholisten), organiseerde via een conference call service een telefonisch groepsgesprek. Dat is eenvoudig: je kiest een telefoonnummer, een stem vraagt om je persoonlijke inlogcode in te voeren, je sluit af met een hekje en je zit in het gesprek. De deelnemers betalen alleen hun eigen telefoon kosten en de organisatie rekent voor iedere deelnemer vijf cent per minuut. Een van de deelnemers is de organisator en dient de conference call aan te vragen. De organisator krijgt de rekening van de algemene kosten. Voorbeeld: een gesprek van ca 30 minuten met 4 deelnemers kostte € 6,65. Via WhatsApp worden de kosten vervolgens met een Tikkie of betaalverzoek voldaan.
Facebook groepen
Veel mensen die al een Facebook account hadden, hebben besloten om een aparte Facebook pagina aan te maken met de titel Corona ervaringen en langdurige klachten!. In een afgeschermde omgeving kunnen mensen hier vertrouwelijk contact hebben en informatie uitwisselen. Via Messenger bestaat de mogelijkheid om één op één contact voort te zetten.
Website van Mind
Op deze website van Mind kan iedere Nederlander met psychische klachten in relatie tot corona, ondersteuning en informatie vinden.
Groepswandelingen
De Depressie groep in Maastricht kwam in de maand na de uitbraak alweer bij elkaar. Ze spraken met elkaar af om te gaan wandelen met de anderhalve meter afstandsregel. Het voorzag uitstekend in de behoefte aan contact en het gesprek. Een thermoskan met koffie deed de rest.
Zet de deur tot een zelfhulpgroep wijd open. Mensen moeten zich welkom en veilig kunnen voelen. Reageer uiterlijk binnen 24 uur op vragen en verzoeken.
Zorg voor een veilige sfeer en wees duidelijk in je aanbod zodat de ander weet wat hij kan verwachten.
Hulp vragen is veel moeilijker dan hulp bieden. Het vraagt moed om hulp te vragen. Geef mensen de ruimte om hun verhaal te vertellen en vraag door. Pas wanneer je het verhaal goed hebt beluisterd, kun je met de mogelijkheid van zelfhulp komen. De tijd moet er rijp voor zijn.
Zelfhulp is een krachtige interventie bij herstel van een ziekte of leven met een beperking. Zelfhelpers zijn echter geen professionele hulpverleners. Het is belangrijk om de eigen grenzen goed te kennen. Zodra in een gesprek de indruk ontstaat dat professionele zorg of hulp nodig is, verwijs dan naar de huisarts bijvoorbeeld. Vaak zal de combinatie van reguliere zorg en zelfhulp een goed advies zijn.
Het is van belang dat de contactpersonen en ondersteuners van groepen hun eigen welzijn bewaken. Maak een netwerk van vertrouwenspersonen die jou kunnen helpen om je grenzen te bewaken.
Wanneer iemand een zelfhulpgroep wil beginnen, is een lotgenoot zoeken een eerste belangrijke stap. Ga een diepgaand gesprek aan om te onderzoeken of de mensen de gevolgen van het starten van een groep kunnen overzien. Staan de lichten vervolgens op groen, zorg dan voor een gedegen voorbereiding. Train de groepsbegeleiders. Laat ze profiteren van de ervaringen die binnen het netwerk van ondersteuners te vinden zijn. Bij twijfel of vragen kun je altijd terugvallen op Zelfregietool.nl.
Respecteer de autonomie van de groepen. Regels mogen het herstel van deelnemers niet in de weg staan. Het gaat om mensen, hun eigenkracht en invloed waardoor onderling vertrouwen kan groeien.
Het succes van een netwerk wordt bepaald door het nut dat de aangesloten groepen er van ondervinden. Zorg daarom dat het contact met de groepen goed is. Zelfhelpers zijn meestal geen vergadertijgers. Hun belang ligt bij het lotgenotencontact in de groep.
Binnen de groepen geldt altijd: alles wat in vertrouwen gezegd wordt, blijft vertrouwelijk. Informatie doorgeven mag uitsluitend met uitdrukkelijke toestemming. Informatie over deelnemers van groepen wordt nooit aan derden gegeven. Persoonlijke gegevens van contactpersonen komen niet op de website, folders of andere media. Om de contactpersonen te beschermen, kunnen bij het netwerk aangesloten zelfhulpgroepen het adres en telefoonnummer van Zelfregietool.nl gebruiken. Mensen die contact zoeken met een groep, worden naar hun telefoonnummer gevraagd, zodat zij door de contactpersoon van een zelfhulpgroep teruggebeld kunnen worden.
Gezag is een groot goed in groepen en netwerken. Niemand heeft immers machtsmiddelen. Naast gezond verstand is het ‘gevoel’ een belangrijke factor. Gevoel moet echt en doorleefd zijn. Blijf dicht bij jezelf. Dicht bij je visie en je doelstellingen. Ontvang en geef feedback op een respectvolle manier.
Voorop staat dat Zelfregietool.nl mensen in zelfhulpgroepen ondersteunt. Dat is de basis.
Wanneer er energie, tijd en geld over is, kan er aan samenwerkingsverbanden gedacht worden. Dat is absoluut een nuttige taak. Hierbij kun je denken aan overeenkomsten met de geestelijke gezondheidszorg, de verslavingszorg, de eerstelijnsgezondheidszorg en de wijk-generalisten. Vooral op het gebied van voorlichting en wederzijdse verwijzing is veel te bereiken. Leg de samenwerking vast in een convenant. Evalueer de resultaten op beleidsniveau van de instelling. Ga altijd uit van de eigen mogelijkheden en beperkingen.
Mensen die een hulpvraag hebben, bevinden zich vaak in een kwetsbare, emotionele situatie. De vraag is dan niet altijd even helder geformuleerd. Probeer er achter te komen wat men werkelijk wil en wat men wil bereiken.
Sta mensen met raad en daad bij. Het kan verleidelijk zijn om verantwoordelijkheden over te nemen. De kern van zelfhulp is dat mensen zelf aan zet zijn, maar het niet alleen hoeven te doen. Bijvoorbeeld wanneer hulpverleners bellen om iemand voor een groep aan te melden, zorg dan dat de persoon in kwestie toch altijd zelf contact opneemt. Wanneer mensen vragen hoe lang het deelnemen aan een groep duurt, vraag hen dan hoeveel tijd ze zichzelf gunnen om de handreikingen die ze in de zelfhulpgroep zullen krijgen, toe te gaan passen. Beloof niet teveel. Maak duidelijk dat het in zelfhulp gaat om je leven leefbaar te maken. Het gaat vooral om ‘herstel’, niet specifiek om genezing. Immers, niet alle aandoeningen zijn te genezen.
Zowel op het niveau van het Zelfregietool.nl of op het niveau van de aangesloten zelfhulpgroepen is het hebben van voldoende draagvlak noodzakelijk om van activiteiten een succes te maken. Mensen die veel ervaring hebben in de zelfhulpwereld, hebben vaak goede ideeën maar onderkennen niet altijd wanneer ze te ver voor de troepen uit lopen. Draagvlak binnen de zelfhulpgroepen (en voor netwerken vanuit de groepen) is een voorwaarde om de werkelijke behoeften te onderkennen en daarop te reageren. Dit geldt voor het opzetten van een zelfhulpgroep, voor de samenwerking met professionele instellingen en voor de ontwikkeling van beleid.
Corona times: hoe een onzichtbaar virus, ouderen op meerdere dimensies uitdaagt.
In dit artikel licht ik toe wat Positieve Gezondheid is en wat de dimensies hierin betekenen. Vervolgens kijk ik door de bril van iedere dimensie naar mensen die nu door de Lock Down aan huis gekluisterd zijn. Hiervoor neem ik een artikel uit de Volkskrant van zaterdag 11 april 2020. Daarin komen vijf ouderen aan het woord over hun gedwongen isolement. Dan blijkt enerzijds dat dit virus onze gezondheid op meerdere dimensies flink uit balans brengt. Anderzijds maakt deze tijd ons duidelijk dat we elkaars lotgenoten zijn. We zijn sterker dan ooit, aangewezen op onderlinge solidariteit.
Wat is Positieve Gezondheid
Positieve Gezondheid is de uitwerking in 6 dimensies van een bredere kijk op gezondheid. Met die bredere benadering draag je bij aan het vermogen van mensen om met de fysieke, emotionele en sociale uitdagingen in het leven om te gaan. Én om zo veel mogelijk eigen regie te voeren.
De WHO stelt dat gezondheid ‘een toestand van compleet welbevinden is. Lichamelijk, psychisch en sociaal.’ Maar eigenlijk zou dat betekenen dat vrijwel niemand gezond is. Zelfs als je geen ziekte hebt, doen zich gebeurtenissen in het leven voor waardoor het tijdelijk niet goed gaat. Zoals een echtscheiding, het overlijden van een dierbare, het verlies van werk en inkomen. Het corona virus dringt ons in de hoek op het vlak van Meedoen, Kwaliteit van Leven en Zingeving.

Dick Jacobs (84) weduwnaar uit Sint Michielsgestel zegt:
‘Ik krijg constant van anderen mailtjes dat ze het zat zijn, dat alleen zijn. Dan ga ik erover nadenken en besef ik: ik ook. Mijn buurvrouw ligt nu zes weken in het ziekenhuis. Ik hoor geen water uit haar keukenkraan stromen. Ik hoor de keukenkastjes niet meer dichtgaan. Normaal zou ik het niet opmerken, nu wel. Het is saai. ‘Mijn vrouw is vijf jaar geleden gestorven. Alleen wonen is nog steeds wennen. Daar komt nu het coronavirus bovenop. Er zijn mensen die mij willen bezoeken, maar dat mogen ze niet. Mijn familie woont ver weg.
‘Ik mis het praten met de buurtbuschauffeurs. Dat zijn vrijwilligers, met wie ik het altijd heel gezellig heb. Een van de chauffeurs heeft steenhouwen als hobby. Vind ik heerlijk om over te praten. Er is een oud-leraar geschiedenis bij. Met hem heb ik het over de Romeinen, waar ik als geboren Nijmegenaar veel over weet. Eens zette een buurtbuschauffeur mij af bij de schoenwinkel. De week erop trof ik hem weer. ‘Bevallen de schoenen?’, vroeg hij. Die gesprekjes mis ik.
‘Ik ben geen medicus, dus ik moet de maatregelen van de overheid steunen. Ik blijf zo veel mogelijk binnen. Maar ik voel mij beknot in mijn functioneren. Ik ben graag onder de mensen. Dat kan nu niet.’

Eva van Santen (76) gehuwd woonachtig in Leiden
‘Op deze manier hou ik het thuis blijven nog wel even vol. Mijn man en ik maken af en toe kleine uitstapjes. We gaan fietsen of wandelen. Soms doe ik boodschappen. Ik vind het leefbaar. Het is niet leuk, maar leefbaar. De maatregelen zijn noodzakelijk. Zeker voor ons. Wij vallen in de risicogroep.
‘Dit jaar is het eerste jaar dat mijn zoon en kleinkinderen niet komen met Pasen. Elk jaar organiseer ik een paasbrunch op zondag. Dan zitten we met elkaar in de tuin en praten we wat. Maar nu is het onverstandig. Ik ga al weken niet meer bij ze op bezoek, en zij niet bij mij. Mijn zoon is erg zorgvuldig. Ik mis het om ze te zien en om ze aan te raken. Hoewel tieners niet meer zo van knuffelen houden.
‘Hoe sociaal je bent, speelt een enorme rol in hoe je deze periode ervaart. Ik heb normaal veel activiteiten buiten de deur: een gymnastiekclub, wandelclub en een vertaalclub. Het binnenblijven is niet zo moeilijk voor mijn vriendinnen die minder sociaal zijn.
‘Normaal ga ik elke week met de trein naar mijn broer. Hij woont in Amsterdam. We hebben geen andere broers of zussen, alleen elkaar. Op die middagen zitten we bijvoorbeeld samen in een cafeetje. Dat kan nu niet. Als ik het openbaar vervoer weer mag gebruiken, ga ik naar hem toe. Waarschijnlijk staan de stoeltjes in de treinen en trams dan verder uit elkaar.

Wim Hallenthal (63) alleenstaand uit Rijnsburg
‘Als je alleen bent, zoals ik, ben je maar alleen. Normaal werk ik in een kringloopwinkel. Die is nu dicht. Het contact met collega’s, met klanten, dat mis ik.
‘De kringloopwinkel is verbonden aan een verslavingszorginstelling. Daar ben ik vroeger in behandeling geweest, omdat ik een zware alcoholist was. Toen ik mijn baan kwijtraakte, mocht ik daar blijven. Dat bracht de structuur. Zonder structuur ben ik bang dat ik terugval in mijn oude gewoontes.
‘Nee, ik ben daar nu niet bang voor. Ik heb elf parkieten. Die zorgen ervoor dat ik elke dag om zes uur ’s ochtends mijn bed uit moet. Dan loop ik naar beneden en beginnen ze al te tetteren. Prachtig. De parkieten moeten verzorgd worden en brengen leven in de brouwerij. Daar word ik blij van.
‘Met de parkieten houd ik het tot 1 juni wel uit. Ik vind dat de regering het heel goed doet en denk dat we nog een poosje moeten volhouden. Hoe moeilijk dat ook is.
‘Ik voel mij weer vrij, als de kringloop open kan. Daar ben ik thuis. Kan ik met mensen omgaan. Ik houd ervan om altijd een vrolijke noot te brengen. Maar de parkieten zeggen niks terug, haha.’

Denise Timmers (88) Haarlem, alleenstaand
‘Ik vind het niet erg om voorlopig binnen te moeten blijven. Thuis verveel ik me nooit: ik lees in de Privé en mijn flodderboekjes, ik luister naar muziek. Het liefst van Marco Borsato en André Hazes. Aan het begin van de quarantaine maakte ik me elke ochtend op en deed ik een jurk aan. Nu hou ik het vaak bij mijn joggingpak. Al gebruik ik nog wel krulspelden.
‘Gisteren ben ik voor het eerst in vier weken weer naar buiten geweest. Ik heb lieve kinderen die zich zorgen om me maken. Van hen moest ik steeds binnenblijven. Mijn thuiszorghulp heeft ze overgehaald om me te laten wandelen. Als ik maar anderhalve meter afstand houd. Ik begon met een klein rondje in mijn buurt. Morgen wil ik een groter rondje proberen.
‘Ik mis mijn kinderen, klein- en achterkleinkinderen. Laatst kwam mijn achterkleinzoon van 4 met zijn moeder vis langsbrengen. Hij wilde naar boven, naar me toe. Maar dat mocht niet. Dat vond ik zo erg. Mijn oudste kleinzoon komt nog wel op visite. We drinken samen koffie. Ik aan de ene kant van mijn grote woonkamer, hij aan de andere kant bij het raam.
‘Voorlopig zijn de maatregelen nog niet voorbij, denk ik. Als het weer veilig is, ga ik winkelen. Niet per se om iets te kopen, maar om mijn normale leven weer terug te krijgen.’

Achmed Chraou (74) Waalwijk
‘Ik had corona en ben een week geleden ontslagen uit het Gelre Ziekenhuis in Apeldoorn. De zorg was heel goed. Iedereen, van schoonmaker tot specialist, was zo bezorgd om mij en van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat met mij bezig. Af en toe moet ik daar nog om lachen. Ik ben niet genezen door medicijnen, maar door de vrolijkheid en aardigheid van de mensen die voor mij gezorgd hebben. Zo voel ik dat. Ik heb ze niet persoonlijk kunnen bedanken, dus wil het graag via de krant doen.
‘Ik ben een sociaal persoon. Iedereen zegt dat de straat stil was zonder mij. En ik heb een groot gezin. Maar voor mij is het makkelijk om nu afstand te houden. Het is de regel en ik houd van regels. Ik ben in vijftig jaar in Nederland nog nooit te laat geweest op mijn werk. Ik heb een kleindochter van vier maanden oud. Ik kan haar niet missen, maar zie haar alleen via de telefoon. Ik zie mijzelf als kapitein van het schip. Mijn kleinkinderen zijn matrozen. Het is mijn taak de matrozen gezond te houden. Dus houd ik mij aan de regels.’
In deze vijf situaties staan de kwaliteit van Leven, meedoen, zingeving en mentaal welbevinden op meerdere factoren onder druk. Hierdoor komt het mentaal welbevinden in gevaar. Onze regering legt in de aanpak van de crisis de nadruk op Samen, Verbinding en Solidariteit. En dat zijn nou precies de drie belangrijkste kernwaarden van lotgenotencontact.

In beknopte en prettig leesbare artikel vind je de aanleiding, geschiedenis en de ontwikkeling van zelfhulp in Nederland.
Een must voor iedereen die meer wil weten over de kracht van zelfhulp en lotgenotencontact.