Ik ben blij dat ze mij zagen en daar iets mee deden, zodat ik de stap kon zetten die nodig was!
lees meerKindermishandeling is elke vorm van mishandeling die voor een kind bedreigend of gewelddadig is. Dus niet alleen lichamelijk geweld, maar ook bijvoorbeeld emotionele mishandeling of verwaarlozing vallen eronder.
Praat met iemand die hetzelfde heeft meegemaakt.
Ik ben blij dat ze mij zagen en daar iets mee deden, zodat ik de stap kon zetten die nodig was!
lees meerEr zijn verschillende vormen van kindermishandeling, namelijk:
Bron: https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/kindermishandeling/wat-kindermishandeling-is
De gratis én anonieme app CARE-FREE is ontwikkeld voor en door jongeren in de leeftijd van 10-18 jaar en ouder. De app CARE-FREE geeft informatie over kindermishandeling en wat je kunt doen als je je zorgen maakt over jezelf of een ander. Soms zijn er situaties waar een jongere zich niet prettig bij voelt en waarbij er sprake is van kindermishandeling. Wanneer je niet beter weet denk je dat deze situaties normaal zijn. De app CARE-FREE is ontwikkeld om jongeren een hulpmiddel aan te bieden om informatie op te zoeken en tips te geven hoe ze dit bespreekbaar kunnen maken met een bekende, iemand die je vertrouwt en als nodig een hulpverlener.
Augeo Foundation wil dat kinderen veilig en veerkrachtig opgroeien. Juist kinderen die ingrijpende ervaringen meemaken moeten zich gezien, gehoord en gesteund voelen. Zodat zij herstellen van hun ervaringen en zich verder kunnen ontwikkelen. Zij bundelen hiervoor kennis ─ van ervaringsdeskundigen, wetenschappers en professionals ─ over ingrijpende ervaringen, veerkracht en effectieve steun. Daarmee ontwikkelen ze online cursussen, voorlichtingsmaterialen, kennissessies en praktische hulpmiddelen. Ze zorgen ervoor dat steeds meer professionals, ouders en kinderen deze materialen gebruiken. Ook initiëren ze projecten waarmee kinderen en jongeren hun veerkracht kunnen versterken, bijvoorbeeld via vaardigheidstrainingen, sport en sociale steun.
De Kindertelefoon is er voor alle kinderen en jongeren die vragen hebben of ergens mee zitten. Dat kan gaan over school, vriendschap, thuissituatie, gevoelens, pesten, verliefdheid, mentale gezondheid of iets anders dat hen bezighoudt. Geen vraag is te groot of te klein.
Kinderen en jongeren kunnen anoniem en gratis contact opnemen met De Kindertelefoon. Ze praten met speciaal getrainde vrijwilligers die luisteren, meedenken en helpen om gevoelens en gedachten op een rij te zetten. Zo krijgen jongeren de ruimte om hun verhaal te delen en stappen te zetten die bij hen passen.
Contact opnemen kan via:
De Kindertelefoon is dag en nacht bereikbaar. Het doel is niet om oplossingen op te leggen, maar om kinderen en jongeren te ondersteunen in het vinden van hun eigen weg. Daarmee draagt De Kindertelefoon bij aan zelfvertrouwen, veerkracht en zelfregie op jonge leeftijd.
Veilig Thuis is er voor iedereen die te maken heeft met huiselijk geweld of kindermishandeling. Of je nu advies zoekt, twijfelt over wat je ziet of hulp nodig hebt: je staat er niet alleen voor. Samen werken ze aan veiligheid. Voor jou. Voor de ander. Voor thuis.

Miryam heeft de maken gehad met emotionele mishandeling, seksueel misbruik en huiselijk geweld. Zij wil graag haar verhaal delen om anderen te helpen.
Ik maakte mee dat wij tijdens mijn kinderjaren veel op bezoek gingen bij familie en dan speelde ik met mijn neefjes en nichtjes. Mijn neef (18+) vroeg wel eens of ik met hem boven wilde spelen met zijn spelcomputer. We speelden dan ook wel eens ‘vadertje/moedertje’. Op die momenten raakte hij mij wel eens aan op plekken waar dat niet gepast was. Ik voelde me vertrouwd bij hem en had geen idee dat wat er gebeurde niet gepast was. Ik dacht dat anderen dit ook deden met elkaar tijdens het spelen van ‘vadertje/moedertje’. Daarna zei hij vaak: ‘Miryam wel tegen niemand zeggen hé!’.
Toen ik ouder werd, waren er wel eens momenten dat ik heel erg schrok van wat er gebeurde. Ik vroeg mij toen steeds meer af of wat er gebeurde wel oké was. Ik kan me herinneren dat er een situatie was waarin ik samen met hem achterbleef nadat mijn neefjes en nichtjes naar beneden gingen. Hij wilde dat ik toen langer bleef en met hem zou knuffelen. Ik wilde dat niet, maar hij hield mij tegen door me vast te houden. Ik heb hem toen van mij afgeduwd en ben naar beneden gerend. Ik ben toen naar mijn moeder gegaan, en heb haar hand stevig vastgepakt. Ik denk niet dat mijn moeder toen in de gaten had wat er op dat moment gebeurd was.
Omdat ik steeds weer met hem ging spelen had ik het gevoel dat ik het zelf schuld was en schaamde ik me heel erg voor wat er gebeurde. Ik heb altijd geleerd om respect te hebben voor oudere mensen. Hierdoor ben ik nooit tegen mijn neef ingegaan als hij mij vroeg om te spelen of langer te blijven. Ik dacht dat praten hierover zou zorgen voor ruzie en dat ik de schuld ervan zou krijgen. Ik had niet het gevoel dat ik erover kon praten.
Toen ik 15 jaar was zag ik een tv-programma over seksueel misbruik en kwam ik erachter dat wat mij overkomen is niet had mogen gebeuren. In die periode waren er thuis veel ruzies en voelde ik me niet gezien en gehoord. Ik kan mij herinneren dat als ik iets over mijzelf vertelde, mijn moeder vaak zei: ‘wat heb jij nou meegemaakt om over te zeuren!?’. Ik vond dit niet fijn, maar ik wist dat er veel aan de hand was en het mijn moeder daardoor niet lukte om te luisteren.
Uiteindelijk heb ik erover gepraat met iemand van school die ik vertrouwde. Zij heeft er samen met mij voor gezorgd dat er hulp kwam van een schoolmaatschappelijk werker. Ik was bang dat er dingen gingen gebeuren die ik niet wilde, maar vond het ook fijn dat er hulp kwam. Ik heb er daarna ook met mijn moeder over gepraat.
Ook nu vind ik het weleens lastig wat ik heb meegemaakt maar weet ik hoe ik ermee om kan gaan. Ik heb fijne mensen om mij heen die voor mij klaarstaan en door (EMDR) therapie gaat het goed met mij.
Het had mij kunnen helpen als iemand mij had gevraagd hoe ik mij voelde, mij had verteld dat het goed zou komen en had verteld dat het niet mij eigen schuld was. De app CARE-FREE had mij ook kunnen helpen. Als ik eerder had mogen ontdekken dat wat er gebeurde niet oké was, had ik er misschien sneller over kunnen praten met iemand die ik vertrouwde of had ik anoniem kunnen bellen of chatten met een hulpverlener. Hierdoor had ik mij niet zo alleen hoeven te voelen.
Ik zou iedereen willen meegeven dat het niet altijd een makkelijke weg is om hulp te vragen en het soms misschien wel onmogelijk lijkt. Blijf toch zoeken naar iemand waar jij je goed bij voelt en waar jij je verhaal mee kunt delen. Je hoeft het niet alleen te doen! Samen kun je tot een oplossing komen en die bestaat altijd.
Om de privacy te waarborgen zijn alle persoonsgegevens in dit ervaringsverhaal geanonimiseerd.

Bo heeft te maken gehad met huiselijk geweld. Zij wil graag haar verhaal delen om anderen te helpen.
“Ik maakte mee dat mijn ouders veel ruzie hadden met elkaar. Eigenlijk zo lang als ik mij kan herinneren. Hierdoor kon ik thuis nooit echt relaxen en waren er weinig leuke momenten. Een van de redenen dat dit gebeurde was een alcoholverslaving van mijn vader. De ruzies tussen mijn ouders gingen vaak over de verslaving van mijn vader. Het ging dan bijvoorbeeld over de geur in huis en het gebruik van alcohol en drugs waar wij als kind bij waren.
Toen ik in groep 7/8 zat waren er thuis heel veel ruzies. Hierdoor kwam ik vaak huilend op school. In die periode sprak ik nooit met leeftijdsgenoten af bij mij thuis, omdat ik nooit wist in welke stemming mijn vader zat. Bij mijn leerkracht van toen voelde ik mij echt prettig. Deze leerkracht maakte ruimte en tijd en had oog voor hoe kinderen in de klas zich voelde. Uiteindelijk kwam er hulp bij ons thuis toen ik 12 jaar oud was, deze hulp was er vooral voor mijn ouders. Op de momenten dat mijn ouders hulp kregen was er een oppas bij ons thuis, dit vond ik altijd heel erg fijn. In die hele periode wist ik wel dat er iets was, maar wist ik niet hoe ik hierover kon praten.
Ook op de middelbare school had mijn thuissituatie invloed op mijn schoolresultaten. Ik dacht op school veel na over hoe het na schooltijd zou zijn. Doordat de situatie niet beter werd ging ik steeds minder naar school en was ik genoodzaakt te stoppen met de middelbare school omdat de schoolresultaten achteruitgingen.
Na het stoppen met mijn middelbare school ben ik een mbo-opleiding gaan doen. Toen ik 16/17 jaar oud was kreeg mijn moeder een ongeluk en kwam ze voor een langere tijd in het ziekenhuis te liggen. Tijdens deze periode was het rustiger thuis omdat mijn ouders geen ruzie konden maken met elkaar. In die periode ging mijn vader wel meer alcohol gebruiken. Toen mijn zusje hem daarop aansprak werd hij heel boos en heeft hij haar een trap in haar buik gegeven. Omdat mijn tante zag dat de sfeer bij ons thuis gespannen was, vroeg zij uiteindelijk of wij een tijdje bij haar wilde komen logeren. Mijn zusje en ik wilde dat heel graag en zijn vanaf dat moment bij haar gaan wonen totdat mijn moeder weer goed genoeg hersteld was.
Ook nu ben ik nog steeds heel blij met de steun van de oppas die in ons gezin was en mijn leerkracht op de basisschool. Door hen voelde ik mij echt gezien en gehoord. Ik ben mij er bewust van dat deze personen de situatie niet konden oplossen, maar dat ik met hen over mijn gevoel kon praten vond ik altijd heel erg fijn
Het had mij kunnen helpen als er naast wat de hulpverlening voor mijn ouders deed ook vaker met mij en mijn zusje gepraat was, dit heb ik gemist. Ik wist heel goed dat er iets aan de hand was en had het fijn gevonden als er ook met ons gepraat was, dan had er misschien wel eerder hulp kunnen komen. Ook had het mij kunnen helpen om te weten dat de app CARE-FREE bestaat. Dan had ik kunnen opzoeken hoe ik een gesprek had kunnen starten. Ik had de app ook wel willen gebruiken om te kunnen laten zien waar ik mee zat, zodat de ander hier vragen over had kunnen stellen en wist waarover ik het had willen hebben.”
Om de privacy te waarborgen zijn alle persoonsgegevens in dit ervaringsverhaal geanonimiseerd.

Miriam heeft te maken gehad met emotionele mishandeling en lichamelijk verwaarlozing en huiselijk geweld. Zij wil graag haar verhaal delen om kinderen te laten weten dat zij het niet alleen hoeven te doen en hulp mogen vragen.
‘’Ik maakte mee dat mijn ouders een licht verstandelijke beperking hadden en een alcoholverslaving. In de eerste jaren merkte ik daar nog niet veel van, maar vanaf mijn zevende kreeg ik er steeds meer last van. Mijn zusje had ook een licht verstandelijke beperking en het leek alsof mijn ouders steeds meer moeite kregen om te doen wat nodig was. Daarom nam ik thuis veel taken over, zoals bankzaken, administratie en het ondersteunen bij afspraken.
Mijn ouders wisten niet goed hoe ze met stress en emoties om konden gaan, daardoor ontstonden er ruzies die vaak erger werden door het alcoholgebruik van mijn ouders. Ik probeerde ruzies te voorkomen door op stemmen te letten en onderwerpen te vermijden. Overdag lukte dat soms, maar ’s avonds in bed kon ik de ruzies niet tegenhouden. Vaak drukte ik een kussen op mijn hoofd om minder te horen van wat er geroepen werd. Pas als een van mijn ouders zo boos werd dat hij of zij naar de slaapkamer ging, eindigde de dag voor mij en kon ik gaan slapen.
Ik leerde thuis niet hoe ik over mijn gevoelens en behoeften kon praten. Iedere keer als ik iets probeerde te delen, wisten mijn ouders niet hoe ze moesten reageren en ontstond er ruzie. Daardoor hield ik mijn gevoelens voor mezelf en voelde ik me erg eenzaam. Ook leerde ik niet hoe ik voor mijzelf kon zorgen. Hierdoor wist ik niet dat het belangrijk was mijn tanden te poetsen, mezelf te wassen, deodorant te gebruiken of te ontbijten.
Op school deed ik mijn best, was ik aardig en haalde ik goede cijfers. Toch viel ik vanaf een bepaalde leeftijd steeds meer buiten de groep, had ik moeite met vrienden maken en werd ik vaker gepest. Ik trok me terug en dacht dat er iets mis met mij was. Thuis zei niemand dat het niet aan mij lag en op school leek niemand te zien dat het slecht met me ging, waardoor ik me nergens veilig voelde. Alleen tijdens het buitenspelen met buurtkinderen, bij mijn opa en oma met neefjes en nichtjes of tijdens het zwemmen kon ik even ontsnappen aan de stress en onbezorgd kind zijn.
Tijdens de middelbare school periode stopte het pestgedrag niet en werd steeds duidelijker dat het niet goed met mij ging. Ik werd somberder en probeerde voor mijn klasgenoten onzichtbaar te zijn om de kans op pesten te verkleinen. In de laatste jaren van mijn middelbare school liep ik vast en verliet ik vaak de les. Toen zagen leerkrachten dat het niet goed met mij ging en mocht ik ervaren dat er ruimte was om over mijn problemen te praten. De somberheid die ik toen voelde, bleek achteraf het begin te zijn van een lange periode met depressies.
Tijdens de gesprekken met leerkrachten ging het vooral over schoolzaken, zoals verslagen die ik niet af kreeg en de angst om voor de klas te staan bij presentaties. Ik kon op dat moment geen woorden geven aan wat ik thuis meemaakte en ook het pestgedrag durfde ik niet bespreekbaar te maken, omdat ik bang was dat dit de situatie zou verergeren.
Op mijn vervolgopleiding veranderde veel. Ik hoorde bij een groep en werd niet meer gepest. Een docent zag al snel dat het niet goed ging en bood hulp aan. Omdat ik gewend was alles zelf te doen, nam ik die hulp eerst niet aan. Toen school aangaf dat zij verantwoordelijk waren omdat ik minderjarig was en dat ik een afspraak bij de huisarts moest maken, was ik daar niet blij mee. Maar achteraf ben ik blij dat ze mij zagen en daar iets mee deden, zodat ik de stap richting professionele hulp kon zetten.
Daarna volgde een periode van ontdekken wat mijn thuissituatie en het pesten met mij hebben gedaan. Ik leerde mijn emoties te herkennen en te uiten, mensen te vertrouwen en dat ik niet alles alleen hoef te doen, maar ook hulp mag vragen.
Ook nu ben ik nog bezig met leren dat ik de moeite waard ben en het ontdekken van wie ik ben en wat ik wil. Ik leer dat ik niet voortdurend op mijn hoede hoef te zijn voor signalen van gevaar, ruzie of afwijzing. Het heeft lang geduurd om te verwerken wat ik vroeger heb gemist, hoe mijn band met mijn ouders is en hoe alle onveilige situaties van vroeger invloed hebben gehad op mijn leven.
Tegenwoordig zie en spreek ik mijn ouders niet zo vaak en ben ik grotendeels losgekomen van het zorgen voor hen. Ik heb mijn eigen veilige thuis, vriendinnen en lieve mensen om me heen, geniet van fijne momenten, durf weer vooruit te kijken en bouw langzaam vertrouwen op dat ik mijn leven aankan, met alle ups en downs die daarbij horen. Het is een proces, maar ik merk dat ik stap voor stap meer rust, veiligheid en plezier in mijn leven ervaar en ben trots op wie ik ben en ben mij bewust van de kracht en het doorzettingsvermogen die ik heb om ondanks mijn jeugd, de volwassene te zijn die ik nu ben.
Het had mij kunnen helpen als leerkrachten op de basis- en middelbare school hadden gevraagd waarom ik zo stil was en meer inzicht hadden gehad in signalen van problemen. Met meer kennis en bewustzijn had ik misschien eerder de hulp kunnen krijgen die ik nodig had. Ik weet dat mijn ouders het beste met mij voor hadden, maar dat het hen niet lukte om te doen wat nodig was. Daarom had ik het fijn gevonden als iemand anders mij had kunnen leren wat mijn ouders mij niet konden leren.
“Iedere persoon en elk eerder moment had het verschil kunnen maken.”
Om de privacy te waarborgen zijn alle persoonsgegevens in dit ervaringsverhaal geanonimiseerd.

Nina heeft te maken gehad met lichamelijke verwaarlozing en emotionele mishandeling. Zij wil graag haar verhaal delen om anderen te helpen.
Er is altijd een oplossing, ook al lijkt dat soms niet zo!
Vroeger maakte ik mee dat wij regelmatig geen eten hadden thuis. Ik had dan vaak niks om mee te nemen naar school, en ook ’s avonds was er vaak geen eten. Ook lukte het vaak niet om te zorgen voor gepaste kleding. Hierdoor liep ik vaak met kapotte, te kleine kleding en paste mijn kleding niet bij de weersomstandigheden. Dit kwam doordat wij thuis veel schulden hadden en daardoor weinig geld overbleef.
Door de geldzorgen was er bij ons thuis veel stress. Hierdoor werd er vaak niet aan mij gevraagd hoe ik mij voelde, hoe mijn (school) dag was en had ik het gevoel dat ik dit ook niet tegen iemand kon vertellen. Omdat er thuis veel stress was deed ik heel erg mijn best om het voor iedereen goed te doen en deed ik veel taken in huis omdat het de volwassenen om mij heen niet altijd lukte om hiervoor te zorgen.
Op school werd ik ook wel eens gepest over hoe ik er uit zag, om wat ik niet had of om hoe ons huis er uitzag. Als iemand mij toen gevraagd had waarom ik bijvoorbeeld geen eten mee had of waarom mijn kleding kapot of te klein was had ik misschien wel eerder geweten dat mijn situatie niet zo had moeten zijn.
Tijdens de hele periode dacht ik dat mijn situatie normaal was en wist ik niet hoe ik kon praten over de dingen die ik meemaakte.
Ook nu maak ik me weleens zorgen of het wel allemaal lukt en of ik wel goed genoeg ben. Ik wil vaak dingen alleen oplossen omdat ik dat altijd gewend was, ook al is dat helemaal niet nodig. Door de juiste hulp, therapie en mensen om me heen, kan ik erover kan praten en voel ik me beter, durf ik hulp te vragen en heb ik mijn verleden een plekje kunnen geven. Ik heb niet meer het gevoel dat ik alles alleen hoef te doen en heb ook meer vertrouwen gekregen in de mensen om me heen. Hierdoor voel ik me goed en ben ik gelukkig.
Het had mij kunnen helpen als iemand zonder oordeel had gevraagd waarom ik kapotte en te kleine kleding aanhad, waarom ik geen eten bij me had of als iemand dit aan mijn moeder had gevraagd. Uiteindelijk waren de schulden zo erg dat we uit huis werden gezet en ik niet meer thuis kon wonen. Dit had ik liever niet mee willen maken. Ik vind het daarom belangrijk dat mensen weten dat ze erover mogen praten en er altijd een oplossing is. Iedereen kan in een vervelende situatie terecht komen. Hulp betekent niet dat de situatie erger wordt, maar juist beter kan worden. Ook al lijkt dat soms niet zo.
‘’De app CARE-FREE had mij kunnen helpen om erover te praten. Ik hoop dat de app anderen kan helpen die nu in zo’n situatie zitten.’’
Om de privacy te waarborgen zijn alle persoonsgegevens in dit ervaringsverhaal geanonimiseerd.

Chantal heeft te maken gehad met emotionele mishandeling en lichamelijk verwaarlozing. Zij wil graag haar verhaal delen om anderen te helpen.
Ik maakte mee dat mijn vader een ongeluk kreeg toen ik 6 jaar oud was. Hier heeft hij een lichamelijke- en verstandelijke beperking aan over gehouden. Mijn moeder had een licht verstandelijke beperking, mentale problemen, had nergens zin in en lag veel in bed. Thuis was er ook niet veel geld en hierdoor kon ik niet overal aan meedoen. Ik heb geen verstandelijke beperking en omdat het mijn ouders vaak niet lukte om te doen wat nodig was nam ik veel volwassen dingen over zoals klusjes doen in huis, koken en voor mijn ouders zorgen.
Doordat ik veel volwassen dingen over nam was er geen vrije tijd om leuke dingen voor mijzelf te doen en kon ik niet écht kind zijn. Ik dacht heel lang dat dit normaal was en wist ook niet hoe ik erover kon praten, dit had ik niet geleerd.
Ik kreeg vaak complimenten van volwassenen over wat ik deed. Hierdoor voelde ik mij goed en betekenisvol en had ik niet door dat ik in een situatie zat die niet zo hoorde te zijn. Leeftijdsgenoten hadden wel door dat er dingen gebeurde die niet zo horen te zijn en maakte hier ook vervelende opmerkingen over.
Vaak voelde ik mij onzeker. Op school vond ik het moeilijk om mij te concentreren en dingen te leren. Ik had het nodig om erover te kunnen praten om mij veiliger te voelen en beter te kunnen concentreren en leren.
Onze buurvrouw nodigde mij vaak uit om te komen spelen met haar kinderen die een stuk jonger waren. Ik kreeg dan ook eten en ze zorgde voor schone kleding. Ze sprak mijn ouders ook wel eens aan maar door de problemen van mijn ouders lukte het hun niet om daar iets mee te doen. Ik voelde mij hierdoor gesteund. Onze familie nam afstand omdat zij het gedrag van mijn ouders niet begrepen en niet wisten hoe ze hiermee om moesten gaan.
Vanaf de middelbare school werd mijn wereld groter en kwam ik op steeds meer plekken en ging ik steeds meer nadenken over de situatie waarin ik zat. Vaak dacht ik dat het allemaal aan mij lag. Toen ik 14/15 jaar oud was had ik depressieve gevoelens en wist ik nog steeds niet hoe ik over mijn situatie kon praten.
Ook nu heb ik nog contact met onze buurvrouw van toen omdat zij voor mij een belangrijk steunfiguur was in die tijd. Ik heb de laatste jaren te maken gehad met somberheid, eenzaamheid en flash-backs. Dit is een stuk beter geworden door de therapieën die ik heb gehad. Ik heb nu een stabiel leven: een fijne thuissituatie, relatie en werk. Het lukt steeds beter om momentjes van geluk te ervaren en plannen te maken voor de toekomst. Vriendschappen aangaan en mezelf openstellen vind ik nog lastig, maar hier maak ik voorzichtig stapjes in. Door mijn jeugd heb ik moeite met mensen vertrouwen.
Ik heb therapie gehad en dat heeft mij geholpen om te begrijpen waardoor de situatie zo was en dat het niet aan mij lag. Ik heb nare gebeurtenissen kunnen verwerken, zodat de nachtmerries minder werden. Ik heb geleerd wat mijn triggers zijn en hoe ik ermee kan omgaan. Ik heb oude gewoontes kunnen vervangen door gezonde gewoontes. Ik heb geleerd wat mijn emoties zijn en hoe ik goed voor mezelf kan zorgen en mezelf opnieuw gevonden. De therapie heeft ervoor gezorgd dat ik minder vaak somber ben, beter kan slapen en concentreren en weer geluk kan voelen. Ik heb ook een KOPP-cursus gedaan en hierdoor heb ik geleerd dat mijn ouders het niet expres deden, dat ik niet te veel van ze kan verwachten en dat ik voor mezelf mag opkomen.
Het had mij kunnen helpen als mensen zonder oordeel hadden gevraagd wat hen opviel aan mijn ouders/thuissituatie en er hulp had kunnen komen voor mij en mijn ouders zodat wij samen konden begrijpen wat er gebeurde en wat er nodig was om de situatie beter te maken. Mijn ouders hadden niet door dat wat er thuis gebeurde ongezond was, want niemand was direct genoeg tegen ze. Mensen namen vooral afstand en dat is niet genoeg ‘hints’, te subtiel, om te begrijpen dat er iets moet veranderen. Een steunpersoon waarmee ik had kunnen praten en die leuke dingen met mij doet, zodat ik even kan ontsnappen aan de zorgen en gewoon kind kan zijn.
Om de privacy te waarborgen zijn alle persoonsgegevens in dit ervaringsverhaal geanonimiseerd.

Lisa heeft te maken gehad met lichamelijke mishandeling en emotionele mishandeling. Zij wil graag haar verhaal delen om anderen te helpen.
Ik maakte mee dat ik dagelijks hardhandig vastgepakt werd bij mijn polsen, geslagen, geschopt of van de trap geduwd werd als ik niet luisterde of een weerwoord had. Er werden ook nare dingen tegen mij gezegd, zoals: dat ik te dik was, dat ik beter dood had kunnen zijn en dat ik een mietje was en harder moest worden. Een van de redenen waardoor dit gebeurde was een alcoholverslaving. Een alcoholverslaving kan ervoor zorgen dat je gedrag verandert en je niet kan doen wat nodig is.
Ruim 10 jaar lang heb ik in een hele stressvolle omgeving gewoond en had ik veel lichamelijke klachten zoals rugpijn en hoofdpijn. Als ik met deze klachten naar de huisarts ging dan werd er gezegd dat dit vanzelf over zou gaan. Ik heb de lat altijd heel erg hoog voor mezelf gelegd. Ik voelde me nooit veilig thuis en ik was altijd op mijn hoede om niet in de problemen te komen. Ik wilde niet dat anderen last van mij hadden of dat er nieuwe ruzies ontstonden. Op school was ik heel rustig, haalde goede cijfers en kwam nooit in de problemen. Hierdoor werd gedacht dat ik vooral verlegen was en dat het niet aan iets anders lag. Op ouderavonden werd standaard gezegd: ‘we willen wel een hele klas vol hebben van haar’.
Vanaf mijn 14e levensjaar maakte ik vaak de keuze om bij vrienden te slapen of soms zelfs nachten op straat. Toen ik 16 jaar was ben ik op mijzelf gaan wonen voor mijn studie. In die twee jaar heb ik op veel verschillende plekken gewoond en voelde ik me nergens thuis. Het liefst was ik zoveel mogelijk op school of buiten.
Ook nu vind ik het nog lastig om in nieuwe sociale omgevingen te komen, een gesprek te starten, mijn mening te delen of voor mezelf op te komen omdat ik het gevoel heb dat ik het niet waard ben. Dat zorgt soms ook voor vervelende situaties op mijn werk. Ik heb weinig vrienden om mij heen en voel me daardoor soms ook eenzaam. Ik vind het heel belangrijk om anderen te helpen en het gevoel te geven dat ze erbij horen en het waard zijn. Ik wil het graag voor iedereen goed doen. Dat is niet altijd makkelijk.
Het had mij kunnen helpen als mensen mij zonder oordeel hadden gevraagd waarom ik zo verlegen was en geen antwoorden durfde te geven of als er andere dingen opgevallen waren. Dit lukte mij zelf niet. Ondanks dat was school wel altijd een fijne plek voor mij waar ik nieuwe dingen kon leren en onder de mensen kon blijven. Therapie heeft mij geholpen om verder te komen. Hierdoor kan ik steeds meer trots zijn op kleine overwinningen.
Om de privacy te waarborgen zijn alle persoonsgegevens in dit ervaringsverhaal geanonimiseerd.
Saskia is eindelijk buiten het bereik van haar stiefvader. Buiten het bereik van zijn vuisten. In het kindertehuis probeert ze een nieuw leven op te bouwen, maar het verleden dringt zich nog vaak aan haar op. Blauw wordt dan grijs, grijs wordt donkergrijs, tot er alleen nog zwart over is. Maar Saskia wil zich niet laten onderdompelen in het duister. Ergens diep vanbinnen zit een prachtige bloem, die vecht om tussen het onkruid omhoog te komen. De aangrijpende jeugdroman van Susanne Koster, opnieuw uitgegeven als eerste deel van De oneindigheidstrilogie over mishandeling, hoop en oneindige liefde. Voor young adults.