Cecile over leven met migraine, depressie en de kracht van steun
Een leven met migraine
Cecile is een geboren en getogen Limburgse van 61 jaar. Al op haar zevende kreeg ze de diagnose migraine. Haar leven kende periodes waarin het redelijk goed ging, maar ook jaren met soms wel vijftien aanvallen per maand. De angst voor een nieuwe aanval was voortdurend aanwezig. De pijn kon zo hevig zijn dat ze over de grond kroop en met haar hoofd tegen de muur bonkte om de pijn te overstemmen.
Ook haar schoolloopbaan werd sterk beïnvloed door de migraine. Ze ging van de HAVO naar de MAVO en weer terug naar de HAVO en volgde daarna nog een deel van het VWO. Studeren zat er uiteindelijk niet in. Toch gaf ze haar ambitie om in de hulpverlening te werken niet op. Op haar 32e begon ze aan een opleiding tot psychologisch-pedagogisch assistent. Twee jaar later behaalde ze haar diploma en een jaar daarna vond ze de baan waar ze altijd van had gedroomd: werken als psychologisch assistent in de jeugdhulpverlening en later in de jeugd-GGZ.
Toen werk wegviel
Jarenlang lukte het om haar werk te combineren met de migraine, al moest ze regelmatig een teamuitje missen of zich ziekmelden vanwege een aanval. In eerste instantie probeerde ze haar ziektedagen zelfs in te halen, maar uiteindelijk was dat niet meer vol te houden. Cecile werd voor 80 tot 100 procent arbeidsongeschikt verklaard. Dat veranderde haar leven ingrijpend.
“Ik kon het moeilijk accepteren. Ik had het gevoel dat ik niet meer meetelde en wist niet wat ik met mijn vrije tijd aan moest.” Het ontbreken van werk en zingeving, in combinatie met de voortdurende pijn en angst voor een nieuwe aanval, had grote gevolgen. Via haar huisarts kwam Cecile bij MET-GGZ terecht. Medicatie zorgde ervoor dat ze zich snel wat beter voelde, waardoor ze ruimte kreeg voor therapie. Eerst individueel en later in een groep tijdens een ACT-training.
Juist het contact met lotgenoten tijdens die training was belangrijk voor haar. Ze leerde dat vechten tegen migraine geen zin heeft en dat zingeving niet alleen uit werk hoeft te komen. Ook hoefde ze zich niet schuldig te voelen als ze vanwege een aanval opnieuw een afspraak moest afzeggen. Aan het einde van het traject maakte ze samen met haar behandelaars een terugvalpreventieplan.
Toen het opnieuw misging
In dat plan brachten ze in kaart welke gebeurtenissen mogelijk een nieuwe depressie konden uitlokken. Het overlijden van haar vader en een toename van haar migraine werden genoemd als belangrijke risico’s. Anderhalf jaar geleden kwamen die gebeurtenissen samen. Cecile herkende het gevoel dat het opnieuw misging en trok direct aan de bel bij haar partner en zussen. Toen ze zelf niet meer in staat was om actie te ondernemen, namen zij het van haar over.
Opnieuw kwam ze bij MET-GGZ terecht. Deze depressie was zwaar, met momenten van wanhoop en uitzichtloosheid. Toch stond ze er niet alleen voor. Haar psychiater, psycholoog en verpleegkundige waren er voor haar, maar ook haar partner en zussen. Waar ze zich tijdens haar eerste depressie nog schaamde en er weinig over vertelde, koos ze er deze keer bewust voor om vanaf het begin open te zijn.
“Een stuk aanleg, ziekte en het wegvallen van zingeving triggert bij mij blijkbaar een depressie. Die kwetsbaarheid zal altijd blijven, daar ben ik me terdege van bewust.”
Opnieuw ruimte voor geluk
Ceciles leven is anders gelopen dan ze ooit voor ogen had. Samen met haar partner leidt ze een aangepast leven. Ze kunnen niet zomaar ergens naartoe zonder rekening te houden met de mogelijkheid van een migraineaanval. Dat vraagt planning en flexibiliteit, maar inmiddels hebben ze daarin hun eigen weg gevonden.
Waar ze tijdens haar depressie nauwelijks geluk kon ervaren, lukt dat nu weer. Ze stelt dingen minder vaak uit en probeert nieuwe dingen. “Mijn leven is niet gelopen zoals ik het voor ogen had, ik heb veel moeten missen, maar ik prijs me rijk met de mensen om mij heen.”
Je hoeft het niet alleen te doen
Cecile wil anderen die zich herkennen in haar verhaal vooral meegeven dat ze er niet alleen voor hoeven te staan. “Zoek professionele hulp, indien nodig met medicatie, praat er met de mensen in je omgeving.” Kijk niet te ver vooruit, zegt ze. Neem het dag voor dag. En wees trots op jezelf als het lukt om te douchen of uit bed te komen. Lukt dat een dag niet? Ook dat is niet erg.
Juist praten kan een belangrijke eerste stap zijn. Met een professional, met iemand die dichtbij je staat, maar ook met iemand die zelf heeft meegemaakt wat jij doormaakt. Lotgenoten kunnen herkenning en begrip bieden zonder dat je alles hoeft uit te leggen. Soms helpt het simpelweg om te weten: ik ben niet de enige.